1-header.jpg

club vrijwilligers

Vrijwilligers gezocht
We zijn een prachtige vereniging, daar zijn we trots op! HC Rotterdam maken we met elkaar, vóór de leden en dóór de leden. Als we niet allemaal ons steentje bijdragen, wordt het een onpersoonlijke en saaie boel en zou, om te realiseren wat we nu hebben, de contributie torenhoog zijn.
Gelukkig hebben we binnen onze vereniging honderden vrijwilligers. Om te beginnen hebben alle jeugdteams van HC Rotterdam natuurlijk al coaches, managers en trainers, die zich vrijwillig inzetten voor het team van hun kind(eren). Daarnaast kent HC Rotterdam ook nog meer dan 100 enthousiaste vrijwilligers, die op meer overkoepelende vlakken bijdragen aan het hockeyplezier en verenigingsleven.

Om het vrijwilligersbeleid meer gestructureerd vorm te geven is de vrijwilligerscommissie opgericht. Deze commissie richt zich op werven, behouden en plezier. Om te beginnen zijn alle vrijwilligersfuncties in kaart gebracht en worden de actuele vacatures gepubliceerd op onze website. Leden, ouders van leden en/of overige geïnteresseerden kunnen zich hier oriënteren op de mogelijkheden en aanmelden. Commissies, bestuur en lijnen kunnen hier op hun beurt vacatures bekend maken. Interesse of meer weten? Stuur een mail.

HC Rotterdam, dat zijn ook....
Onze club wordt gedragen door een heleboel vrijwilligers: onze toppers! Met een club van bijna 2400 leden kan het ook niet anders dat er heel veel handen betrokken zijn bij het reilen en zeilen. Naast alle coaches, managers en trainers kent HC Rotterdam meer dan 100 enthousiaste vrijwilligers, die op verschillende vlakken bijdragen aan het hockeyplezier en verenigingsleven. Graag laten we jullie kennismaken met een aantal van hen:


Vertel, wie ben je!
Ik ben Ritsaert Krauss, 45 jaar, en ik woon met mijn vrouw Angela en onze twee kinderen Mees & Camiel in Overschie. In het dagelijks leven werk ik als commercieel manager bij een software bedrijf. In mijn vrije tijd speel in een rockbandje – we hebben net in april onze nieuwe EP uitgebracht op Spotify en Deezer!

Ik hockey al sinds mijn zesde op HC Rotterdam. Ik ben volgens mij een van de langst spelende leden van de club. Na de jeugd heb ik een paar jaar in Heren-2 gespeeld. Vervolgens ben ik met vrienden een eigen herenteam gestart: we begonnen ooit als Heren-27 in de 5e klasse, maar zijn na een paar promoties opgeklommen tot Heren-4. Inmiddels speel ik in Heren35-B.

Ik ben echt een kind van de club, en mijn ouders waren ook al heel bekende gezichten. Mijn moeder, Nels Krauss, was vroeger hoofd van de Jongens TC, mijn vader, Hanno Krauss, was hier ooit de clubvoorzitter op het oude complex. Indertijd heeft hij Jan Hagendijk nog aangesteld.

Wat doet je voor de club, en hoe ben je dit gaan doen?
Mijn kinderen heb ik jaren gecoacht en getraind: nu mijn oudste in JC1 speelt, coach en train ik alleen JD4 nog. Drie jaar geleden is na het vertrek van een aantal vaste  medewerkers van de club de trainingscoördinatiecommissie (TCC) opgericht om alle trainingswerkzaamheden over te nemen. Verandering van een professionele organisatie naar een vrijwilligersorganisatie was wel een redelijke uitdaging.

Als eerste stap hebben we toen een verdeling gemaakt van de taken. Zo kwam er een opleidingstweetal, een materiaalverantwoordelijke en een tweetal dat zich ging bezig houden met de zalen. Steven Lohle en ik gingen ons bovendien bezig houden met de indelingen van het trainingsschema. 
Dat scheelde direct al veel manuren. Maar het bracht ook weer nieuwe uitdagingen met zich mee – vroeger was Iwan aanwezig voor allerhande problemen. Als er nu een trainer uitviel, was er niet altijd iemand om het op te vangen. Ook moesten mensen worden opgeleid en hier was ook niet altijd iemand voor. Er was dus ook een verandering in de mentaliteit nodig waarbij er zelfstandiger getraind wordt. Dus de vraag ontstond, hoe vangen we dit op?

Voor de materialen hebben we direct lockers laten plaatsen en voor ieder team een eigen ballentas en hesjes en pionnen verzorgd waarvoor ze als team zelf  verantwoordelijk zijn.

Onderdeel hiervan was de veld & trainingsindeling, waarbij we gebruik gingen maken van LISA. Aangezien ik in de software zit, werd mijn rol het opstellen van het trainingsschema. Dat was bij het begin wel even wat uitvogelen want het kostte tijd om wegwijs te worden, maar nu werkt het goed. 

En nu?
Inmiddels zijn we tweeënhalf jaar verder, en hebben we als commissie veel geleerd. Het kost nu ook veel minder tijd. Plus de club si weer veel meer een vrijwilligers club geworden dan voorheen. Maar het is wel tijd dat iemand anders mijn taak gaat overnemen. Met mijn werk en ondernemerschap heb ik het momenteel heel druk en ook met mijn overige vrije tijd bestedingen. Ik wil de rol als trainingscoördinator gaan loslaten en mij meer gaan richten op de opleiding van de trainers.  

Het klinkt alsof je als coach en lid van de TCC je handen vol hebt. Wat brengen al die taken binnen de club je?
Ik vind het leuk om te organiseren. Ik vind het fijn als het allemaal klopt en als de mensen, die je hebt geholpen jou bedanken omdat ze blij zijn dat het gelukt is. Ik denk dat we veel hebben bereikt met de vrijwilligers van deze club!  
Ook met de nieuwe functie van veldcoördinatoren, die bij trainingen aanwezig zijn om de trainers te helpen en begeleiden met trainingen. Ze kunnen inspringen als een trainer er niet is, maar ze zijn er ook als support, houden een oogje op de kwaliteit van de trainingen en springen bij als er hulp nodig is.

Waar ben je het meest trots op, van wat je de afgelopen jaren hebt bereikt in de TCC?
Het was het eerste jaar best een uitdaging om een geschikte zaal te vinden voor de zaalhockeytrainingen nadat er plotseling geen ruimte meer was bij Leonidas. Toen hebben we via onze eigen netwerk bij het Thorbecke College 3 zalen erbij kunnen krijgen, en nog extra zalen in Bergschenhoek gevonden . Dat gaf een kick!

Ik ben heel trots op hoe het nu staat, dat we dingen uitproberen met bijvoorbeeld het carrousel en de veldcoördinatoren. Het was wel even spannend – want gaat dat werken met een grote groep mensen?! We hebben ook geleerd van het eerste begin. Toen we begonnen, hadden we bij de jeugd de top, de regiotop, de regioteams en dan de mini’s en senioren. We hebben veel geleerd van hoe je daaromheen een goed schema opbouwt, hoe je ervoor zorgt dat de lijnen met elkaar gaan praten. We zijn in mijn ogen beter gaan communiceren met elkaar, maar we moeten ons er voor blijven inzetten dat we dichtbij elkaar blijven.

Daar bovenop, vroeger werd bijna alles gedaan door een klein aantal betaalde medewerkers, en nu doen we met heel veel vrijwilligers een heleboel werk. Ook al kost het tijd, maar dat maakt het ook bijzonder en gewaardeerd.   

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Das m’n cluppie! Daar heb ik altijd gehockeyd, dit is mijn club. En wat ik mooi vind, ook al is het een best grote club: toch ken je iedereen en is het niet de "fabriek” zoals kleine clubs ons soms zien. Ik kom nog uit de tijd dat we maar 6 tot 8 mini teams, maar 2 teams per lijn hadden bij de jongens en 5 teams per lijn bij de meisjes.  Tegenwoordig hebben meer dan 72 jeugdteams rondlopen en 57 mini teams. Dat vind ik mooi!


 


Vertel, wie ben je, wat doe je in het dagelijks leven?
Mijn naam is Jessica Helios, moeder van Khedyra en getrouwd met Dennis. In het dagelijks leven heb ik een eigen bedrijf in de telecom. Ik zet bedrijfstelefoonlijnen op, zoals 0800- en 0900-nummers. Dit kan bijvoorbeeld het consumentennummer op een pak melk zijn, maar we hosten ook De Luisterlijn, een contactlijn voor eenzame mensen. Onze klanten zijn zeer divers, van lokale bedrijven tot multinationals. Zeker in deze tijden wordt er steeds meer gebeld. Al een jaar of 20 werkzaam in die branche door een spontane sollicitatie destijds volledig buiten mijn vakgebied als docent Engels.

Vroeger heb ik op het oude HC Rotterdam complex in Zestienhoven gespeeld, maar ik ben na mijn eindexamen Havo gestopt met hockeyen. Een paar jaar geleden ging Khedyra spelen bij de kabouters, inmiddels zit ze al in de 2 e jaars E! Toen zij begon met hockeyen ben ik zelf bij de Trimmers gegaan, maar het werd met mijn eigen bedrijf en mijn vrijwilligerswerk voor de club gewoon te veel. Ik dacht, ‘laat Khedyra maar lekker hockeyen, dan ga ik mijn tijd hier als vrijwilliger verder nuttig besteden’. Ik geef ook vaak mijn man Dennis ‘vrijwillig’ op als mede-vrijwilliger. Hij moppert dan altijd een beetje maar vindt het ook altijd net zo gezellig om mee te helpen. Onze grap onderweg naar vrijwilligerswerk op de club is steevast ‘ze krijgen 2 vrijwilligers voor 1 berichtje’.

Wat doe je voor de club?
Ik ben er ooit gewoon ingerold als vrijwilliger. Toen Khedyra was ingeschreven, kreeg ik een nieuwsbrief met daarin een vacature voor een lijncoördinator voor de kabouters. Ik had geen idee wat het was, maar het klonk leuk, dus ik heb toen gemaild. Een paar dagen later werd ik gebeld en toen was het ‘ja, ga het maar doen’! Het was een hele veelzijdige rol met veel contact met de club, de ouders – ik heb het 3 seizoenen tot en met 2e-jaar F met veel plezier gedaan.
Na een paar seizoenen ben ik door Sven-Olaf benaderd, hij was toen nog voorzitter van de Mini Commissie. Hij vertelde dat Erna Truijens hulp nodig had bij de Sportiviteit en Respect commissie, en of ik dat misschien wilde doen. Het was heel erg nodig – soms zie je ouders langs de lijn tegen een jonge scheidsrechter tekeergaan. Het was nodig dat daar aparte aandacht voor kwam.

Voor Corona hadden we eigenlijk iedere week wel een campagne. Soms een campagne met flyers, om spelers aan te moedigen elkaar een complimentje te geven. We hebben grote banners gehad om mensen eraan te herinneren lief te zijn voor elkaar. Een collega uit de commissie is weleens in een Rotje Knor-pak gestapt, en toen zijn we samen over de velden gegaan met biggensnoepjes. We wilden weten hoe de jongsten denken dat je met elkaar om moet gaan op het veld. En die kleine 5-jarigen weten dat heel goed! Die weten dat het niet leuk is als papa en mama commentaar geven op de scheidsrechter, of dat ze zeggen dat die bal wel in de goal had moeten rollen. Overigens, Dennis heeft zijn scheidsrechtes kaart en fluit regelmatig bij het team van Khedyra en ik ben één van de coaches haar team. Khedyra fluit al weleens een onderling wedstrijdje bij hun training en ze gaat vaak mee als Dennis en ik vrijwilligers zijn. Jong geleerd is oud gedaan.

Wat is jullie grote doel met deze commissie?
Het doel is echt het motto van de club: Plezier, leren en presteren. Wat we willen bereiken is dat het leuk is om te hockeyen, dat we met z’n allen een hoop lol maken en daardoor presteren op het veld. En dat is eigenlijk ook waarom ik het vrijwilligerswerk doe – ik vind het leuk om hockey leuk te maken voor een ander!

Wat brengt je rol binnen de club je?
Ik vind het waanzinnig leuk om dingen voor de club te doen, of dat nou is als vrijwilliger bij de EHL, of bij Oranje, of als parkeerwacht bij de Coronamaatregelen na de 1 e lockdown – toen heb ik er ook gestaan. Ik ga van Chef fietsenstalling naar Chef parkeerplaats!
Wat het zo leuk maakt? Ik ben eigenlijk altijd alleen maar aan het werk, telecom is 24x7 aan staan. Het is leuk om eens wat anders te doen en voor een ander. En je leert mensen kennen, het is gezellig, je hebt een praatje en krijgt leuke reacties. Je maakt het ook leuk voor jezelf want is natuurlijk wel je vrijetijd. Ik ga altijd met een lach op m’n gezicht naar huis.

Waar ben je het meest trots op van wat je bereikt hebt binnen HC Rotterdam?
Ik ben heel trots op wat we hebben bereikt met de Sportiviteit & Respect commissie. Mensen voelen zich meer op hun gemak om op een positieve manier elkaar aan te spreken op hun gedrag. En ik ben heel trots op de evenementen die ik heb ondersteund. Er zijn dan een hele hoop mensen op de club, ook van buiten de club! Met de EHL, dat was een Paasweekend paar jaar geleden, bemande ik de eerste dag de merchandise kraam, Chef Merchandise. Heerlijk voor de club verdiend aan petjes, sjaals, pruiken enzo. Je staat daar lekker gek te doen, en dat steekt mensen aan. Fijn dat je dan een hele positieve respons krijgt. Voor mij, als vrijwilliger, is het enerzijds even geen werk en plezier hebben, anderzijds
gewoon fijn om de club te kunnen helpen. Vanuit de club krijg je er veel waardering voor omdat we zonder vrijwilligers niet kunnen doen wat we allemaal doen maar het mooiste moment vind ik als iemand van de club zelf tijdens je bezigheden je zegt ‘dankjewel, fijn dat je er bent om te helpen’. Ik ben eigenlijk gewoon trots op ‘mijn clubbie’ en wat we met z’n allen voor elkaar krijgen zodat er gehockeyd en plezier gemaakt kan worden.

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Gezelligheid en familiegevoel – een heel groot gevoel van saamhorigheid. En met name een heel sterk Rotterdam gevoel: niet lullen maar poetsen!




Rebecca, vertel, wie ben je en wat doe je?
Ik ben Rebecca, en woon met mijn twee dochters Amélie en Viènne in Park Zestienhoven. Amélie is alweer 9 en speelt in ME 6-tallen, en Viènne is 7 en speelt in de Fjes. Ik werk als senior finance beleidsadviseur voor de 8 universitair medische centra van Nederland. Hierin bekleed ik ook een rol als lobbyist voor de UMC’s bij partijen als de Ministeries, NZa, IGZ, ACM, Zorginstituut en andere branche organisaties. Ik focus hierbij vooral op dossiers binnen dure geneesmiddelen en digitalisering van zorg.

Ik zelf nooit gehockeyd, maar ik heb het verenigingsleven wel hoog zitten. Het gevoel dat je samen voor de club staat vind ik belangrijk om aan mijn kinderen mee te geven. De maatschappij wordt steeds individualistischer, maar juist dat ‘het samen doen’ gevoel is heel belangrijk. Je moet er zijn voor de club, onderdeel zijn van jouw club. Dat probeer ik ze te laten zien door het zelf te doen.

Hoe ben je als niet-hockeyer actief geworden op de club?
Toen mijn kinderen gingen hockeyen, wist ik meteen dat ik iets wilde gaan doen, maar omdat ik zelf niet hockey wist ik niet echt wat. Wat ik zelf heel leuk vind is om samen met een groep mensen ergens aan te werken. Op een avond kwam ik Angela Krauss tegen, en zij zei al snel ‘eigenlijk is de vrijwilligerscommissie echt iets voor jou’. En daar ben ik toen ingerold.

Wij zorgen ervoor dat er vrijwilligers zijn, maar net zo belangrijk is zorgen dat de vrijwilligers die we hebben blij zijn. Dat ze zich gezien voelen, dat ze plezier hebben in wat ze doen. Een familie creëren, dat is echt het idee. Die saamhorigheid hoort bij HC Rotterdam, dat leeft hier.

Wat brengt je rol binnen de club je?
Ik word gewoon heel blij van mensen, ben echt een "mensen mens”, en wil samen mensen in dezelfde richting laten bewegen. Ik word er blij van om met en samen met mensen te werken. En dat kan ik in deze rol goed. Een voorbeeld hiervan is wat we hebben gedaan met Sinterklaas. Dit afgelopen jaar is voor iedereen moeilijk geweest, ook voor de vrijwilligers. We doen veel, maar we zien elkaar bijna niet. Toen is het idee geboren om elke vrijwilliger een presentje te geven. En dat hadden we zo geregeld dat iedere vrijwilliger iets kon komen afhalen op de club. Bijna alle vrijwilligers zijn ook echt even langs geweest! Dat was niet alleen om dat pakketje op te halen, maar ook om even contact te hebben, even op de club te zijn, even dat clubgevoel op te halen. Ik heb daar twee dagen gestaan en zoveel mensen voorbij zien komen!

We doen natuurlijk veel meer dan alleen dat. Straks gaan we ook echt weer samen de gezelligheid opzoeken, bijvoorbeeld na wedstrijden borrelen.    

Wat brengt je rol je?
Ik ben vooral trots op de ontzettend grote groep mensen die er voor de club staat. Binnen onze club zijn er veel mensen die een zware baan hebben, en die toch kijken hoe ze hun steentje bij kunnen dragen zodat het voor onze kinderen een fantastische tijd op de club kan zijn. En dat gaat om allerlei soorten manieren van bijdragen. Toen we bijvoorbeeld in de Covid-tijd verkeersregelaars nodig hadden (en die staan echt in de kou en de uitlaatgassen!) – we hadden zo de mensen die we nodig hadden. Opbouwen en uitgraven uit de sneeuw van de Rotterdome – we hadden zo de mensen die we nodig hadden. Dat is gewoon gaaf, mensen helpen met z’n allen. Het is niet vanzelfsprekend dat je dit doet, vrijwilligerswerk, maar je doet het wel en dat mag gewaardeerd worden.

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Echt het clubgevoel, de saamhorigheid, de gezelligheid, dat we er voor elkaar staan. Als Heren-1 of Dames-1 speelt, het is fantastisch, haast alsof je zelf op het veld staat. HC Rotterdam is ONZE club!





Vertel, wie ben je?
Ik ben Tom, en woon met Simone en onze drie kinderen, Puck, Loulou en Sep in Hillegersberg. We zijn een echte hockeyfamilie: Simone assisteert Dames-1, de drie kinderen hockeyen ook. Zelf ben ik ook ooit begonnen bij HC Rotterdam, nog op de oude club. Toen ik in Groningen ging studeren ben ik daar gaan spelen, maar daarna ook weer terug gekomen op de club. Inmiddels speel ik zelf niet meer, maar ik ben wel heel actief op de club. In het dagelijks leven werk ik in de energie, in olie & gas.
 
Ondanks dat je zelf niet meer hockeyt, loop je wel veel rond op de club. Waar hou je je mee bezig?
Wat ik zei, we zijn een echte hockeyfamilie – zo erg dat ik haast wel op de club moet zijn als ik mijn gezin nog eens wil zien! Het begon allemaal een paar jaar geleden, toen er een coach nodig was voor MA2. Er was een zeventiger die de job wilde doen, maar ik vond eigenlijk dat hij gewoon langs de lijn moest genieten van het hockey. Laat het maar oplossen door een ‘jonge god’! In eerste instantie was ik de assistent-coach, maar ik ben al vrij snel meer gaan doen. Daarna kwam ook de coaching van MB2 erbij, samen met Jim van Ruiten.

Toen ik begon als coach merkte ik dat er bij de jongens heel veel aandacht ging naar het tophockey, maar veel minder naar de regioteams. Ik heb mezelf toen opgeworpen als regiocoördinator voor de jongens, in de C- & D- lijn. Sinds twee jaar doe ik daar ook de A- & B-lijnen bij. Dat is best veel ja! We hebben wel veel minder jongens dan meisjes teams, dus het gaat wel, maar ik was erg blij toen dit jaar Anton de Graaf erbij kwam. We doen nu samen de jongens C- & D. Het zou wel helemaal geweldig zijn als we er nog twee coördinatoren bij kregen. Het is altijd leuker om
het samen te doen!

Het zal je behoorlijk bezig houden! Wat drijft je in je rol als lijncoördinator?
Het is echt ontzettend leuk om te doen, ook al zijn het je eigen kinderen niet! Zeker als je een tijdje meeloopt, dan zie je spelers groeien van jonge C’tjes naar B- en A-spelers. Het is leuk om die ontwikkeling te zien.
Mijn doel is om ieder jaar weer een paar jongens van de regio naar de top te brengen. Ik wil een paar talenten spotten om een team hoger te tillen. En mede daarom strijd ik echt voor onze regio teams. Ik wil dat zij ook goede trainers krijgen, fijne trainingstijden hebben, op waterveld mogen spelen. Het moet niet zo zijn dat als je eenmaal bent ingedeeld in het 4e team dat je dan nooit meer in het 1e team terecht kan komen. Daar maak ik me hard voor.

Als je kijkt naar wat je binnen de club bereikt hebt, waar ben je dan trots op?
Ieder jaar is het weer een opgave om nieuwe teams te maken, dat blijft pittig. Maar dan loop je weer rond op de club, en dan zie je die nieuwe teams spelen, je ziet jongens groeien, en dan weet je waar je het voor doet. Je ziet iets in een kind, en dan kan je vertrouwen geven, ze een stapje verder laten zetten. Als er een wil is, dan kun je ver komen. Ik vind het gaaf om te zien dat je als je ooit in D6 bent begonnen nog steeds in B1 kan eindigen.
Daarnaast ben ik er ook echt trots op om te zien dat ik binnen de regio, binnen de top, en binnen het bestuur, echt de aandacht heb kunnen vestigen op de regioteams. Ik blijf aan het jeugdbestuur duidelijk maken dat iedereen het leuk vindt om te hockeyen, we moeten het eerlijk blijven verdelen. Ja, we zijn trots op de top teams, en de regiotopteams, maar we willen ook dat de ervaring die daar wordt
opgedaan naar de regioteams gaat.

Ik ben heel blij om te zien dat veel spelers van de topteams nu teams trainen en coachen, hier leert de top ook weer heel veel van: Hoe stuur je aan, hoe manage je zoiets? En je ziet dat zij zich ook vereerd voelen om gevraagd te worden om te coachen. Zeker nu we ook die HC Rotterdam jassen erbij hebben! Als je als 15-jarige met een JD2 meegaat als coach, ja, dat doet wel iets met je zelfvertrouwen.

Als afsluiter: Waar denk je aan, als je aan de club denkt?
Nu aan bier en bitterballen, maar daarbuiten toch wel het groen, de ‘dynamite’ – ik rij vaak naar Amsterdam langs de club, en dan krijg ik er echt een warm gevoel van. Ik heb er mijn vrouw leren kennen, mijn kinderen spelen er, ik heb er veel mensen leren kennen. Het is een soort thuiskomen.
Ik geniet echt van mijn rol als lijncoördinator, en ik hoop dat we verdere versterking krijgen. Als lijncoördinator is er ook altijd tijd voor een biertje langs de lijn!




Vertel eens, wie ben je?
Ik ben Max, ben 17 en woon in Terneuzen. Ik zit in het 2ejaar van mijn opleiding mediavormgever, die volg ik in Vlissingen, en daarna wil ik het liefst doorstromen naar een audiovisuele opleiding aan het HBO. Ik hockey zelf ook, maar wel bij een andere club: Ik speel in Heren-1 van MHC Olympia.

Ik ben heel veel bezig met media. Mijn ouders hebben een sportschool, daar doe ik alle social media en sportvideo’s voor. Daarnaast doe ik heel veel losse opdrachten als vormgever, zeker in de lockdown is het alleen maar media geweest. Door de lockdown was ik weinig buiten, en door alle projecten die ik deed kwamen er alleen maar meer projecten binnen. Er zijn dagen dat ik 30 uur bezig zou kunnen zijn, dus ik moet steeds vaker nee zeggen.

Je woont in Terneuzen, hockeyt heel ergens anders, maar toch ben je betrokken bij HC Rotterdam. Wat doe je, en hoe ben je bij ons terecht gekomen?
Ik doe de visuals voor heel veel van wat we via de verschillende sociale kanalen delen, maar ook voor bijvoorbeeld de ‘anderhalve meter stickers’, een deel van de aankleding van het stadion tijdens de livestreams, dat soort dingen.

Ik ben er eigenlijk via Instagram ingerold. Ik hockey natuurlijk zelf, en had een aantal van de Hoofdklasse clubs gevolgd om me daar eens in te verdiepen omdat ik dat interessant vond. Toen zag ik een bericht voorbijkomen dat Rotterdam zocht naar een ‘next level social media reporter’. Daar heb ik toen een DM overgestuurd, en voor ik het wist hing ik met Mignonne (red. onze fantastische voorzitter van de communicatiecommissie) aan de telefoon. Inmiddels zijn we een jaar verder.

Niet iedereen zou zomaar lid worden van de communicatiecommissie van een vreemde hockeyclub. Waarom jij wel?
Het werk zelf is heel afwisselend. Wanneer de club iets nodig heeft om zich te presenteren, dan probeer ik dat binnen de huisstijl van Rotterdam te maken, maar het loopt echt best wel uiteen wat er allemaal nodig is. Dus dat maakt het heel leuk en leerzaam.

Dit is een toffe combinatie, media en hockey, en ik leer er echt veel van om binnen een bedrijf mee te denken. Voor school heb ik ook opdrachten, maar dan werk je in je eentje. We hebben binnen onze commissie veel onderling contact, met iedere twee weken een online vergadering en er is veel dat ook tussendoor moet gebeuren. Hoe dat proces werkt, en hoe het is om binnen een planning te werken, dat neem ik ook weer mee terug naar mijn opleiding en naar volgende opdrachten.

En ik leer veel van de feedback. Als graphic designer ben je veel met het visuele bezig, maar de rest van het team is meer bezig met de content. Je hebt verschillende specialiteiten zo komen we samen tot een mooi resultaat. Daar is goede communicatie voor nodig, zeker omdat je soms ook heel erg snel moet schakelen. De reel van vorige week, van de counter van Thijs van Dam en Tjep Hoedemakers tegen Pinoké, die moest echt zo snel mogelijk online. Dan moet je snel met elkaar kunnen bespreken.

Waar ben je het meest trots op?
Ik vind het heel tof om te zien dat iets waar ik dan een paar uur mee bezig ben geweest, dat je dat dan bijvoorbeeld op de socials en op de club ziet terugkomen. Ik vind ook dat onze socials er heel professioneel uit zien, doordat we zo goed afstemmen, ziet alles er echt uit als een geheel.

Daarnaast heb ik Trello, een planningstool, geïntroduceerd in de communicatiecommissie. Ik ben wel de jongste in de commissie, maar ik probeer wel wat ik dagelijks zie en leer mee te nemen in wat we doen. Zo had ik ook gezien dat andere clubs de score van Hoofdklasse wedstrijden delen via Instagram stories. Dat wilde ik toen ook meteen doen, en dat werkt echt heel tof.

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Lastig! Ik ben best wel een buitenstaander, ik ben pas één keer op HC Rotterdam geweest. Je ziet wel dat het echt een familieclub is. Tof om te zien dat de jonge talenten ook een kans krijgen bij Heren-1, dat de jeugd doorstroomt. En de club is heel gastvrij, iedereen vindt het leuk om mee te werken aan de sociale media kanalen. Ik hoop dat ik in de toekomst, na Corona, wat vaker echt naar de club kan komen om het echte clubgevoel mee te maken. Ik ben er dan pas 1 keer geweest, maar HC Rotterdam is echt al een beetje ‘mijn’ club geworden. Ik ben echt fan geworden – ook dankzij dat ik alles nu zo goed kan volgen via de livestream!



Vertel eens, wie ben je?
Ik ben Claudia, 40 jaar, en ben getrouwd met Ewout. We hebben samen 3 kinderen, die alle drie bij HC Rotterdam spelen. Louke & Mijntje spelen samen in MD1, en Floor speelt in M6E1. Zelf ben ik geen hockeyer, nooit gedaan. Ik heb zelf ook het gevoel dat ik het balinzicht van een garnaal heb. Maar ik ben wel vaak op de club te vinden.

Wat doe je voor HC Rotterdam?
Ik ben drie jaar lijncoördinator geweest bij de mini’s en ik ben nu bestuurslid voor de jeugd. Daarnaast ben ik ook de teammanager voor MD1, dat heb ik in het verleden wel vaker gedaan.

Ik ben er een beetje ingerold toen mijn middelste dochter in een team kwam met alleen klasgenootjes. Ik vond het juist zo leuk dat ze op hockey in contact zou komen met andere vriendinnetjes, en dat was nu dus niet het geval. Bij navraag bleek dat ook tegen de reglementen te zijn, maar het vrijwilligersteam kwam mensen tekort. Toen heb ik maar besloten het jaar erna mee te helpen, en dat heb ik dus niet meer losgelaten! Daarna kwam het teammanagement en het bestuur erbij.

Ik realiseer me terdege dat het voor een bestuurslid maf is dat je niet zelf hockeyt, maar dit is niet per se nodig. We hebben veel hockey technische mensen, het is juist heel belangrijk om onderling goed te communiceren. Doordat ik de hockeyervaring niet heb, ga ik heel onderzoekend te werk. Ik vraag om advies, vraag anderen hoe zij iets aan zouden pakken. Omdat ik het zelf niet weet, moet ik wel op zoek naar de gemene deler of de consensus om de juiste beslissingen te maken of adviezen te geven.

Waarom ben je zo actief op de club, wat drijft je daarin?
Allereerst haal ik heel veel plezier uit de club. Ik mis in deze Coronatijden nog het meest de structuur op zaterdag, van de wekker die netietsje te vroeg gaat, en dat je dan met andere ouders met een kop koffie langs de lijn staat wakker te worden. Met een beetje geluk naast een niet al te nat veld… Heerlijk ook om op zondag met de kinderen naar de club te gaan, dat zij langs de velden hun vriendjes tegenkomen en ik lekker op de tribune even tot mezelf kan komen.

Daarnaast vind ik ook dat je voor een club die zoveel leden heeft, die niet anders kan dan op vrijwilligers draaien, dan moet je zelf ook de handschoen oppakken. Niks zo frustrerend als langs de zijlijn roepen dat het allemaal beter moet en dan geen zin hebben als er iets nodig is. Ik vind ook dat het er een beetje bij hoort als je drie kinderen hebt, die met zoveel plezier op de club spelen. En, ook niet onbelangrijk, de bestuursvergaderingen zijn ook altijd heel erg gezellig en gevuld met slechte grappen.

Waar kijk je met de meeste trots op terug?
Ik heb pas sinds deze zomer deze rol, maar ik vond de Get Ready Day zo leuk. Je ziet al die kinderen enthousiast meedoen met de warming-up, zo leuk om te zien dat kinderen hier zoveel plezier van hadden. Dat zo’n evenementencommissie de dag zo uit de grond stampt. Daar word ik echt blij van. 

Ik word er ook blij van om te zien dat de jeugd kan blijven trainen, kan blijven spelen op het veld en even in de zaal. Ik ben trots op iedereen, die zich als vrijwilliger inzet en echt hart heeft voor de club. En dan zie ik ook ouders uit een team die niet echt een vrijwilligerstaak oppakken, maar die altijd rijden, die er altijd zijn, positief en blij naast het veld staan, een briljant verslag van de wedstrijd in de app-groep delen. Voor al die mensen die een positieve bijdrage brengen, daar heb ik een warm hart voor.

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Ik denk met name aan 3 blije meisjes in groen-witte tenuetjes, die met blonde staartjes boven op hun hoofd met plezier naar de club gaan en altijd met een ander vriendinnetje thuiskomen. Echt de gezelligheid. En ik mis de biertjes!

 



Vertel, wie ben je?
Ik ben Florien, 42 jaar. Ik woon samen met mijn man, Akkie en drie kinderen, Tijne (12), Julie (11) en Siebe( 8) in Berkel en Rodenrijs. In het dagelijks leven ben ik Sales Manager bij Medtronic, ik stuur daar de business unit neuro-chirurgie aan. Ik ben opgeleid als verpleegkundige en grappig genoeg, in 2003 via het bedrijfshockey de commerciële wereld ingerold.

Ik ben een geboren en getogen Rotterdammer en wat ze dan een ‘echt kind van de club’ noemen. Mijn ouders komen nog van voor de fusie, en mijn hele familie is ook actief betrokken bij HC Rotterdam. Zo zit mijn broer onder andere in de mini-TC en coacht het team van zijn zoontje, en mijn vader traint nog iedere woensdagmiddag de kabouters. Zelf heb ik lang hoog gehockeyd, vanaf mijn 13e deed ik mee met Dames-1 en heb alle nationale jeugdteams doorlopen. Daarna heb ik ook nog een paar jaar in het Nederlands elftal gespeeld (29 caps). Ik ben redelijk jong gestopt met tophockey, op mijn 27e, maar ben altijd blijven hockeyen op Rotterdam en heb ook nog een training gegeven aan Dames-1. Na de degradatie van Dames-1 (en de geboorte van mijn 3e kind) in 2012, heb ik samen met andere oud-dames speelsters/vriendinnen (Elsbeth Versterre, Boukje Vermeulen en Simone van den Akker- Martens) weer een seizoen meegedraaid bij het eerste. Ook zij zijn nog steeds actief betrokken als vrijwilliger en als speelster van Dames Vet A, ofwel Dames 30+ zoals dat nu heet. Inmiddels speel ik alweer vele jaren met veel plezier bij dit team.

Aangezien ik in Berkel en Rodenrijs woon, was het logischer dat mijn kinderen gingen hockeyen bij HBR, maar één van mijn dochters speelt sinds vorig seizoen op HC Rotterdam. Ik vind het heel leuk om voor haar ook weer op HC Rotterdam actief te zijn.

Wat doe je voor de club?
Ik heb ME8-tallen gecoacht, en train nu met een hele club andere toppers Meisjes D1: één keer in de week train ik ze en op zaterdag ben ik er vaak bij om samen met Bart-Jeroen Petri de meiden te coachen. Ik ben dit gaat doen toen mijn dochter overkwam van HBR. Ik geef op HBR  ook nog steeds training aan het team van mijn zoontje, maar ik ben blij dat ik dat nu ook weer op HC Rotterdam doe.

Daarnaast denk en doe ik mee in de beleidscommissie topsport, daarbij ben ik langzaamaan meer betrokken aan het raken. Via bekenden van oud-Dames 1 werd ik gevraagd om hier eens over mee te denken. Ik vind het leuk om hierbij betrokken te zijn, hoe kunnen we de Topsport naar een hoger plan trekken, hoe kunnen we de talenten behouden, hoe zorgen we dat we bij de top van de regio (blijven) horen? Ik ben hier niet de kartrekker, maar ik geef hier graag mijn input voor.

Wat brengt je rol je, waarom zet je je hiervoor in?
Ik vind het altijd heel belangrijk om bij een vereniging te helpen, het is nou eenmaal zo dat een vereniging gestoeld en gebouwd is op vrijwilligers. Daarnaast, als je kinderen op een sport hebt, dan moet je een bijdrage leveren, je moet iets doen. En, ik vind het gewoon leuk om te doen. Ik vind het leuk om mijn eigen ervaring mee te nemen en over te dragen. Ze hoeven echt niet per se het Nederlands elftal te halen, maar het is wel heel leuk om te delen wat daarbij komt kijken. Ik vind het ook super leuk om lagere teams te coachen, zolang de kinderen het maar leuk vinden.

Je bent zelf een tijd minder op de club geweest - hoe is het om nu weer meer bij de club betrokken te zijn?
Mijn hart ligt gewoon bij HC Rotterdam. Ik ben zelf niet weggeweest, maar wel minder actief geweest, toen mijn kinderen hier allemaal niet speelden. Maar als je dan terugkomt, dan zie je opeens weer hoeveel oud-bekenden je tegenkomt, en dat de kinderen en de jeugd van jouw oude teamgenoten daar ook zijn, dat je je oude vriendjes en vriendinnetjes weer tegenkomt. En mijn familie is hier natuurlijk ook altijd nog op de club, allemaal heel begaan. Het is wel een beetje thuiskomen na 10 jaar, je komt terug in een warm bad. Maar toch, ook al ken je de club nog zo goed, je moet weer even je weg vinden. Wie doet nu wat, wie is waar verantwoordelijk voor? Er zijn veel commissies, veel lijnen, je moet veel schakelen – dat was ik niet meer gewend!

Waar ben je het meest trots op?
Rotterdam is een hele mooie club, een club die zich altijd probeert te onderscheiden, innovatief probeert te zijn. Dat stamt nog uit de tijd dat Jan Hagendijk voorzitter was. Het is goed om te zien dat er nog steeds zoveel mensen zijn die zich daarvoor inzetten, zowel in de topsport als in de breedtesport. Ik vind de combinatie van die twee ook heel leuk, dat er door feest- en seniorencommissies veel voor de grote groep wordt gedaan, dat er een Rotterdome wordt neergezet. Daar ben ik echt trots op: Samen de schouders eronder, je neemt initiatief, en je krijgt het allemaal maar weer mooi voor elkaar. En ik vind het heel mooi om te zien hoe er, onder andere met Karianne (red:onze fantastische vestigingsmanager), nu een professionaliseringsslag wordt gemaakt, maar er ook meer verbinding is gekomen.

Het is ook bijzondere club mensen bij elkaar die hart voor de club hebben: Ik heb als 8-jarige leren hockeyen van Mary Knop (84), en zij traint nog steeds MD1 – ik sta nu samen met haar training te geven! Of mijn vader, die er nog steeds altijd staat, maar ook jongere trainers zoals een Nick van Trigt van Heren-1 die zich inzet voor trainingen van de jeugd. Het is gewoon gaaf om met jong en oud zo betrokken te zien zijn bij de club. Ik zou dat graag nog veel meer zien!

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Ambitieus en vooruitstrevend, dat vind ik echt de twee woorden. Ik wil ook zeggen, ‘saamhorigheid’. Je ziet al steeds meer betrokkenheid van Heren-1 en Dames-1 met de club en de regio: Heren-1 geeft veel training, Jong Dames-1 organiseert een clinic. Men lijkt elkaar makkelijker te vinden, deels ook dankzij Corona. Dat is echt een fantastische lijn die we nog verder door kunnen zetten. Nog meer verbinding, dat is belangrijk.




Vertel eens, wie ben je?
Ik ben Robert, woon in Rotterdam met Yanti, mijn vrouw, en onze twee fantastische kinderen Lucas en Rosalie. Mijn kinderen hockeyen allebei, en zelf speel ik bij Sevens en doe ik aan trimhockey. Ik heb dit een paar jaar geleden ontdekt en vind het echt hartstikke leuk, jammer dat het nu niet kan.

In het dagelijks leven ben ik fiscaal jurist en heb ik meerdere ondernemingen. Logischerwijs heb ik dus een fiscaal-juridisch advieskantoor, maar ik ben ook actief met onder andere bouw-, trust- en detacheringsondernemingen. Daarnaast ben ik als vrijwilliger betrokken bij meerdere organisaties. Zo ben ik bijvoorbeeld bestuursvoorzitter van de Stichting Hillegondaflat, een serviceflat in Hillegersberg, en ik ben betrokken bij meerdere zakelijke netwerkkringen. Voor de club ben ik voorzitter van de Sevens commissie.

Wat houdt je rol als voorzitter in, en hoe ben je dit geworden?
De vorige Sevens commissie liet voor de zomervakantie weten dat ze er na 3 jaar mee wilden stoppen. Er leek weinig animo om dit over te nemen. Ik dacht ‘het gaat toch niet gebeuren dat niemand dit gaat doen?’. Alessandro uit mijn team was mij net voor, die wilde het wel doen, en toen ontstond al snel de gedachte om het dan samen te doen. Daarna kwamen Steffen en Jan Sytze uit ons Sevensteam er ook nog bij. We wilden toen echt nog aanvullen met een aantal dames uit de Sevens, zodat we een 7-koppige commissie hadden: brede schouders om de taken te dragen. Zodra Floriske, Franka en Debby zich bij het team hadden gevoegd waren we compleet, en hebben we een eerste overdrachtsvergadering gehad, waarin ik de eer kreeg de commissie voor te mogen zitten.

Ons belangrijkste doel is om de sfeer erin te houden bij de Sevens leden. Daarnaast geven we de competitie vorm, maken we het rooster, en dat is een behoorlijke klus met een competitie met 8 heren- en 16 damesteams. We krijgen hierbij ook veel hulp van Sven-Olaf, hij is echt betrokken vanuit het bestuur, dat helpt ons echt.

Wat drijft je om onderdeel te zijn van deze commissie?
Een van mijn kernwaarden is, ‘als je kan helpen, dan moet je helpen’. Je hebt samen een exponentiele kracht, je versterkt elkaar. Je kan dit niet alleen doen, ‘there is no I in team’. Als je een Seven commissie bekijkt, dat had nooit zo goed kunnen werken als we dit niet met zijn zevenen hadden gedaan. Je hebt die gecombineerde krachten nodig. Het is geen eenmansactie, het is echt een team effort.

En het grappige is, als je dan op een gegeven moment in die vrijwilligerscirkel zit, dan word je er vrij snel ingezogen om meer te gaan doen. Dus dan sta je snel ook te helpen met de Rotterdome, of met de coaching of training van de kinderen. Dat is ook wel leuk, je krijgt er energie van om iets voor anderen te doen.

Ik vind zelf dat als je vrijwilligerswerk doet, je doet het eigenlijk voor jezelf omdat je het fijn vindt om te doen voor jezelf. Hoewel het niet vaak voorkomt dat je daar feedback op krijgt, weet je wel dat het gewaardeerd wordt. Daar doe je het niet voor, maar het is wel fijn om die bevestiging te krijgen; iedereen heeft tenslotte af en toe een schouderklopje nodig. Ik vind het zelf wel heel belangrijk om mensen die achter de schermen veel doen te danken voor de inzet, en ik vond het dan ook een super leuk initiatief dat het bestuur besloot om met Sinterklaas de doosjes voor vrijwilligers uit te delen. Allemaal kleine dingetjes, bier & speculaas. Het gebaar wordt zeer gewaardeerd.

Wat maakt je trots op je werk met de Sevenscommissie?
Na de eerste speelavond kregen we veel leuke reacties. Iedereen vond het goed georganiseerd en zo gezellig. Blijkbaar hebben we dan als commissie uitgestraald wat we wilden uitstralen, en dat gevoel hebben we gelukkig kunnen behouden: We hebben een positief gevoel weten te creëren en vast weten te houden.

En wat maakt je trots op de club zelf?
Het is echt een club van de leden, voor de leden. Het is ongekend hoe groot de club is, en dat er maar twee mensen op de payroll staan. Iedereen die hart voor de zaak heeft, die gaat ervoor staan. Het is echt bijzonder hoeveel energie sommige mensen erin steken, volledig pro bono, naast hun werk. Zeker sinds de financiële malaise van een aantal jaar geleden: er is toen een aantal vrijwilligers opgestaan dat de club draaiende houdt. En dat je dan met zoveel duizenden leden, kinderen en senioren uit de buurt, toch zo’n gevoel van gezelligheid weet te waarborgen – dat is heel bijzonder. Een grote club kan gelukkig toch ook klein blijven.


Vertel eens, wie ben je?
Ik ben Leontine Bezemer, en ik woon op een steenworp afstand van HC Rotterdam met mijn man Jan Sytze, mijn zoon Bruut en onze twee labradors, Storm & Loet. In het dagelijks leven werk ik als VP Global Sales van de internationale tak van Randstad, een hele leuke en enerverende baan. Vanwege mijn ervaring in sales benaderde Angela Krauss mij een tijd geleden om lid te worden van de Sponsorcommissie.

Speel je zelf voor HC Rotterdam?
Een paar jaar geleden schreef ik me in voor trimhockey, maar al na een paar training ging het mis. Met een zweepslag in mijn kuit stond ik noodgedwongen aan de kant. Gelukkig wilde Jan Sytze mijn plek wel innemen, en die heeft hem nooit meer losgelaten! Bruut speelt ook in JD5, dus gehockeyd wordt er wel, maar niet meer door mij – ik hou het nu bij tennis. Past net wat makkelijker in alle agenda’s.

Ondanks dat ben je actief voor de club! Wat doe je precies?
Sinds een jaar zit ik in de sponsorcommissie. We zijn een behoorlijk nieuwe club, voorheen lagen alle verantwoordelijkheden bij een persoon. Inmiddels zijn we met een club van 7, en we zijn hard aan het werk om de structuur te herzien en te verbeteren. Ons doel is om de sponsoren beter zichtbaar te maken, meer te binden aan de club. Zo gaan we onder andere over op accountmanagement, zodat we per sponsor uit kunnen stippelen wat er bij deze sponsor past: Hoe kunnen we deze organisatie het beste neerzetten? Hoe kunnen we zorgen dat deze sponsor zich verbonden voelt aan de club?

Wat maakt je trots op je werk in de sponsorcommissie?
We zijn echt aan het kijken hoe we meerdere vormen van sponsoring kunnen aanbieden, meer dan de shirts en de LED-boarding. Zo denken we bijvoorbeeld aan gesproken reclamespotjes in de rust van de wedstrijden van Heren 1, het gebruik van het clubhuis voor netwerkactiviteiten, het aanwenden van ons netwerk voor onze sponsoren.

We willen ervoor zorgen dat onze sponsoren er meer aan overhouden om HC Rotterdam te sponsoren, zodat ze zich meer betrokken voelen bij de club, meer een podium hebben.

Wat brengt je rol in de sponsorcommissie je?
Ik werk met een enthousiaste, gezellige club mensen, het geeft een boel energie! We vergaderen om de week, en meestal plannen we voor anderhalf uur maar het loopt meestal uit omdat het zo gezellig is.

Daarnaast vind ik het heel leerzaam om mee te kijken bij een vereniging die zo’n voorloper is op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Het is inspirerend. Binnen mijn werk krijg ik hier steeds meer mee te maken, en het is heel waardevol in te zien hoe een hockeyclub zich kan profileren op dit gebied. Ik pik er dingen uit die ik in mijn eigen werk kan inbrengen.

Bovenal vind ik het gewoon belangrijk dat je je inzet voor een vereniging, als je daar de tijd voor hebt. Een verenging hou je samen in stand.

Wat maakt HC Rotterdam nou zo bijzonder?
Heel veel dingen, eigenlijk. Onze club is professioneel, maar ook sportief en gezellig. Die combinatie staat voor mij voorop. Je komt altijd wel iemand tegen om mee te kletsen. Maar het is voornamelijk die sportiviteit, hoe we omgaan met elkaar op de club, de gezellige en goede sfeer, en de ambitieuze doelstellingen van Heren 1 en Dames 1.



Vertel eens, wie ben je?
Ik ben Karianne, woon in Schiebroek met man Richard en zoon Gijs. Onze dochter Femke is net op kamers. Een echt hockeygezin en ook mijn ouders zijn nog regelmatig op de tribunes te vinden. Ik ben ooit als mini gestart op HC Rotterdam en heb mijn hele jeugd gehockeyd, en toen ik na mijn studie terugkwam in Rotterdam ben ik ook weer gaan hockeyen, tot ik kinderen kreeg. Ik heb nog Sevens gespeeld, maar op zo’n avond loopt werk dan toch steeds door privé heen want er ligt altijd wel ergens een stoeptegel scheef of de bitterballen zijn op. Ik zat dus nooit echt rustig dus zoek mijn vrijetijdsbesteding inmiddels buiten de club.

Wat doe je voor HC Rotterdam?
Ik ben nu 5 jaar in dienst als verenigingsmanager. In de vacature stond dat de verenigingsmanager de spin in het web is, en dat klopt zeker. Van bijna alles wat er gebeurt, ben ik eigenlijk wel op de hoogte of dat krijg ik op de duur te horen. Mijn hoofdtaken zijn beheer van clubagenda, organisatie evenementen, aanspreekpunt en communicatie, contact met organisaties, beheer/onderhoud accommodatie, stukje administratie en de afgelopen maanden ben ik natuurlijk druk met alle aanpassingen rondom corona. Ik doe eigenlijk 1000-en-1 dingen op een dag. 

Daarnaast ben ik ook betrokken bij tal van commissies zoals de communicatiecommissie, de Rotterdomecommissie, de interlandcommissie en ik ben bij de bestuursvergaderingen. Al met al ben ik dus heel wat uren bezig voor de club. Mijn uren overdag op werkdagen zie ik als mijn werk, maar ik schiet makkelijk over mijn 40 uren heen dus de uren in de avond en het weekend kan je ook zien als vrijwilligerswerk.

Wat maakt je trots op je rol bij de club?
Een drukke zaterdag of zondag op de club met hockey op de velden en gezelligheid langs de lijn, op de tribune en in het clubhuis. Dat ‘wij’-gevoel vind ik heel belangrijk voor een vereniging. Ook ben ik heel trots op de grote evenementen, die we kunnen neerzetten zoals EHL, ProLeague en het EK Masters.

De herinnering aan de opkomst bij de finale in de play-offs van Heren-1  in 2017 geeft met nog steeds kippenvel. Die sfeer op de tribunes, Lee Towers uit de speakers, groen-witte rookwolken. De Rotterdome is natuurlijk een recentelijk hoogtepunt: we hebben sowieso goede faciliteiten om trots op te zijn.

Wat krijg je ervoor terug?
Ik vind je eigen cluppie een heerlijke omgeving om in te werken. De mooiste momenten zijn als het gezellig druk is, maar ’s ochtend komen aanfietsen op het prachtige en rustige complex is ook iedere keer weer genieten.

Alles is nu natuurlijk anders…
De gezelligheid en bedrijvigheid mis ik het meest. Ook voor mezelf, want het clubleven brengt echt gezelligheid en vriendschappen. Als ouder langs de lijn leer je de andere ouders goed kennen en bouw je een band op doordat je elkaar bijna wekelijks ziet en spreekt. Nu Femke deze zomer is gestopt, mis ik deze contacten echt. Een club wordt ook een beetje je thuis. Dat vind ik op dit moment moeilijk, want we doen ons best om de leden, ouders en fans te bereiken, maar het clubleven staat nu echt al een behoorlijke tijd op pauze.

Als je aan HC Rotterdam denkt, waar denk je dan aan?
Deze machtig mooie club met ruim 2400 leden is ooit opgericht door een klein clubje mensen; door leden voor leden. Inmiddels zijn we fusies en ruim 95 jaar verder en is het een uitdaging om bij de leden het bewustzijn te creëren dat deze club niet draait zonder vrijwilligers. Sommige ouders hebben geen ervaring met een sportclub en geven aan dat ze geen tijd hebben om iets te doen vanwege een drukke baan als manager of ondernemer. Maar de tijd dat alle taken werden uitgevoerd door ‘huisvrouwen’ ligt ver achter ons. Ik zie ontzettend veel enthousiaste vrijwilligers, die dit doen naast hun drukke werkzaamheden op werk en in het gezin. Dat je samen met elkaar zoiets kan neerzetten, waar zoveel mensen plezier aan beleven op het veld en langs de lijn, dat is bijzonder. Ik ben gewoon trots op mijn club.

 
Voorwaarden & disclaimer